Een indoor turn evenement

Foto’s van een turn evenement? Probeer ze maar eens te vinden.
Filmpjes zat, maar foto’s? Ja… van grote, internationale wedstrijden zoals de Olympische spelen, of het WK. Maar daar buiten? Nauwelijks. Hoe dat komt? Een turn evenement zoals dit bestaat uit een combinatie van uitdagingen die elkaar alleen maar versterken.

1. Het is binnen: Het allerbelangrijkste voor een foto is licht. Laat daar binnen nu net weinig van zijn. We merken dat zelf niet zo, maar dat komt onze ogen / hersenen hier aan gewend raken. En die super mooie foto’s van de Olympische spelen dan? Die worden gemaakt onder speciaal voor TV uitzendingen en (pers) fotografie ontworpen lichtplannen.

2. Sport is beweging. (Nou ja, de meeste sporten dan). Om beweging scherp te “vangen”, is een snelle (korte) sluitertijd nodig. Een korte sluitertijd betekend dat de camera minder tijd krijgt om licht binnen te laten. Er is dus minder licht beschikbaar voor de foto, en daar was net weinig van om mee te beginnen.

3. Een beperkte, kleine ruimte. Het klinkt natuurlijk leuk, lekker dicht bij de actie. Echter, turnen bestaat uit snelle bewegingen, en sporters die ook snel door de ruimte bewegen. Het is makkelijker om vanaf een grote afstand een snel bewegend voorwerp te volgen, dan wanneer je er dicht op staat. De relatieve snelheid is van dichtbij veel groter.

4. De achtergrond van de ruimte is niet fotogeniek en door de beperkte ruimte is de achtergrond ook nog eens relatief dichtbij de sporter. Er zijn technieken om de achtergrond minder op te laten vallen, maar deze hebben een grotere afstand nodig tussen sporter en achtergrond EN een telelens, waarvoor ook een grotere afstand nodig is tussen fotograaf en sporter. Een ruimte die in een “normale” gymzaal niet beschikbaar is.

5. Een vol benutte ruimte. Ook met een paar evenementen, staat een gymzaal snel volgebouwd. Turnsters bewegen, draaien, springen maken zich klein, weer groot, gaan over de kop etc. Er zijn slechts een paar hoeken vanuit waar de sporter op een mooie manier in beeld gebracht kan worden. Die zijn vaak niet “haalbaar”.

6. Doordat je niet overal KAN gaan en staan waar je wilt, kan je vaak niet de lens gebruiken die het beste is om over te brengen wat je wil.

7. Beweging op en langs alle “assen” en een gezicht staat slechts een fractie van een seconde jouw kan op. Dat maakt scherpstellen zeer moeilijk. De autofocus van een camera heeft licht nodig (jawel, daar is het weer, of liever, weer niet). Het middel om meer in een foto scherp te krijgen “kost” licht (alweer). dat betekend dat een foto weer onscherp wordt door beweging of door de ruis van de sensor.